HOOFDSTUK   10

                              ENIG LICHT OP HET ONTSTAAN VAN DE BIJBEL

Door de uitstorting van de Heilige Geest op deze Chine­se kinderen werd veel licht geworpen op het ontstaan van het woord van God.

VERVULDE PROFETIEN

Zo'n uitstorting van de Geest, die gepaard gaat met be­vestigingen van bovennatuurlijke aard is op zich al een be­wijs dat de Bijbel door God    geschreven    is. Hij   alleen kent de toekomst. Het feit   dat   profetieën  in   vervulling gingen was voor Christus en   de  apostelen   voldoende be­wijs dat de Heilige Schrift door toedoen van God was ont­staan.

IN HETGEEN WIJ HEBBEN VERTELD OVER DE UITSTORTING VAN DE HEILIGE GEEST OVER DEZE KINDE­REN ZJJN TIEN PROFETIEֻN VAN DE SCHRIFT VER­VULD:

1)   Een dergelijke doop was   voorzegd   voor gelovigen in
onze tijd;

2)                     Deze doop zou gepaard  gaan   met het spreken in

3)                     ta­len die men niet kende en met

4)                     profetieën, zoals de Geest die ingaf.

5)                     Als bevestiging van de profetie werd aan deze kinde­-
ren "de werken van Christus" getoond.

6)                     De dingen van de toekomst" werden hen in hun realiteit getoond.

7)                     Zoals de Bijbel ons leert    werden   zij   "wedergeboren"
door de Heilige Geest en ontvingen zij het getuigenis
in hun hart, waardoor zij riepen "ABBA, lieve Vader".

8)                     Deze gezichten die door   deze   kinderen   werden   ge-
zien vervullen het Schriftwoord, dat in de laatste dagen "jongelingen gezichten zullen zien".

8}     Demonen werden uitgedreven en

9)     zieken werden op bovennatuurlijke  wijze genezen,

precies  zoals de Bijbel zegt dat dit door de Heilige

Geest zou geschieden.

- 84 -


10) Een merkwaardige verandering vond plaats, zodat wat men vroeger lief had, nu werd gehaat, en dat wat men vroeger haatte, nu lief had.

DE  ONWETENDEN  VERKOREN  BOVEN  DE   WIJZEN

Op de tweede plaats moeten wij bedenken, dat volgens de Bijbel Gods openbaringen en het ontstaan van de Schrift niet afhankelijk zijn van natuurlijke gaven of natuurlijk verworven kennis. Amos, of Petrus, of Johannes, die geen opleiding hadden genoten, werden door God gein­spireerd en schreven diepere waarheden dan de grootste wijzen van de wereld.

Kunnen wij niet in datgene wat de Heer aan deze ver­achte en uitgeworpen bedelaartjes, jongens en meisjes, heeft gedaan en geopenbaard, een bewijs zien dat het Woord van God op waarheid berust ? Omdat "niet vele wijzen naar het vlees, niet vele machtigen" de ouderwet­se smalle weg van het geloof gaan, kan Hij kiezen en kiest Hij deze "verachten", juist" deze eenvoudige Chinese kinderen van de straat en de goot, om "zulke belangrijke dingen" te brengen in deze tijd van goddeloos intellect en wereldse kennis.

Terwijl de wijzen van deze geleerde, trotse en eigen­zinnige generatie het eenvoudige Woord weerstaan en krachteloos maken door de duisternis van hun eigen zelfvoldane meningen, is het heden ten dage net zo waar als in het verleden, dat Jezus te midden van deze verwarde menselijke wijsheid kan uitroepen: "Ik dank U, Vader, Heer van hemel en aarde, dat U deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, maar aan kinderen hebt geopenbaard. " (Matth. 11: 25)

De geleerden en heersers begrepen ten tijde van de Here Jezus Zijn wonderbare werken en Zijn wonderbaar leven niet, "anders zouden zij de Heer der heerlijkheid niet gekruisigd hebben". ( 1 Cor. 2: 8). De heersers en geleerden in de dagen van de apostelen begrepen de won­derbare werken niet van de almachtige God door eenvou­dige mannen, die vervuld waren met de kracht van de Heilige Geest, anders zouden zij de geestvervulde heiligen van de eerste gemeente niet gedood hebben.

-                                                                                                                                     - 85 -

De diepe openbaringen, die deze Chinese kinderen ontvin­gen, die "niets geleerd hadden" in de scholen van de we­reldlijke wetenschap, vormen het bewijs voor het geschre­ven Woord van God; het maakt er aanspraak op dat het gekomen is door oprechte mannen, onafhankelijk van hun natuurlijke begaafdheid of hun verworven kennis.

OOGGETUIGEN   VAN  BIJBELSE  VOORVALLEN UIT HET VERLEDEN

Wij ontvingen enig licht over de wijze waarop de schrij­vers van de Bijbel gewerkt kunnen hebben, omdat we een ooggetuige van de gebeurtenissen uit het verleden in ons midden hadden. Eèn van onze meest onwetende en minst begaafde jongens werd bij meer dan èèn gelegenheid, toen hij "in de Geest" was, ooggetuige van de belangrijkste ge­beurtenissen uit de geschiedenis van het Oude en Nieuwe Testament. Hij zag de plagen in Egypte: de kikvorsen in het paleis van de Pharao, de vliegen in het eten van de Pharao, de sprinkhanen, de dode oudste zoon en de gehele verslagen familie. Hij zag Elia en Elisa de Jordaan over­trekken, de vurige paarden en de wagen en de hemelvaart van Elia. Hij zag Daniël in de leeuwenkuil met zijn engelenwacht; zo werden nog meer voorvallen uit het Ou­de Testament gezien.

Deze jongen zag ook in gezichten de wonderen van de Here Jezus. Hij zag de verzoeking van de Heer. De duivel in de gedaante van een knappe jonge man voerde de Heer op een hoge berg en liet Hem daar alle wereldrijken zien. Jezus werd overal begeleid door engelen. De jongen had gezichten van Jezus, hoe Hij over het water ging, zieken genas en blinden de ogen opende. Deze jongen, en ook andere jongens, zagen het lijden van de Here Jezus, Zijn opstanding en Zijn hemelvaart.

Eerst verwonderde ik mij over de gezichten van de ge­beurtenissen uit het verleden. Daarna werd ik er bij be­paald, dat er voor God geen "verleden", "heden" en "toe­komst" is. God zegt: "Ik ben die Ik ben. " Alles is voor Hem heden. Omdat de Heilige Geest Zijn Geest is, kunnen in gezichten en openbaringen van de Geest "verleden", "heden" en "toekomst" in Gods huishouding "tegenwoordige

                         - 86 -


 tijd" zijn voor iedereen, die door de Heer wordt uitge­kozen voor Zijn openbaringen.

Deze openbaringen uit het verleden, door    de    Adullam kinderen ontvangen, verklaren, dat de Bijbel geïnspireerd is. Voor God was het niet zo moeilijk om in gezichten Mo­zes en anderen ooggetuige   te    maken   van   reeds  voorbij gegane of toekomstige gebeurtenissen, alsof  alles in  het heden lag. Daardoor waren zij in staat het verleden, het heden en de toekomst weer te geven in het enige   Boek, dat spreekt over het einde van het begin en over het be­gin van het einde.

OPENBARINGEN  VAN   GOD

De Heilige Geest toonde ons door beelden, hoe gedeel­ten van de Bijbel door bovennatuurlijke openbaringen zijn ontstaan en daardoor het predikaat kregen van Goddelijke boodschappen. Toen de kinderen in de Geest taferelen be­schreven die zij in gezichten zagen, bracht de Heilige Geest èèn jongen, die ook "in de Geest" was, ertoe om te gaan zitten en bewegingen te maken als bij het schrijven, zin voor zin, terwijl de anderen toekeken en het vertelden. Zo kon ieder duidelijk zien, hoe gemakke­lijk het voor God was om een Bijbel te schrijven. De èèn kon neerschrijven wat een ander zag en vertelde.

Wanneer God heden een onwetend, ongeleerd bedelaar­tje van een smerige Chinese   straat   kan    nemen   of   een jongen uit een half wilde stam   van   een  ver, eenzaam   ge­bergte, hem kan vervullen  met de  Heilige Geest, en hem "in de Geest" verplaatsen, begeleid  door engelen, om  als ooggetuige achter de voorhang te kijken - dingen van het heden, verleden, en van de toekomst, -    zou het dan voor God  niet net zo gemakkelijk zijn geweest om door gezich­ten alles wat in de Bijbel staat, ergens aan een uitverko­ren werktuig te openbaren   en   hem   een schrijver toe te voegen, die woord voor woord  neerschrijft   wat gezien en geopenbaard wordt, elke profetie, zoals    die    door   God werd gegeven?

Wanneer onze jongens verplaatst kunnen worden in de tegenwoordigheid van de Heer, en wanneer zij terugko­men en kunnen zeggen "Zo spreekt de Heer", zouden dan

- 87 -

-     

niet de profeten uit oude tijden hun profetieën en gezich­ten berichten en absoluut waarheidsgetrouw kunnen zeg­gen: "Zo spreekt de Heer" ?

Hoe voor God verleden, heden en toekomst nèè zijn, hoe Hij verleden, heden en toekomst als tegenwoordige gebeurtenissen kan openbaren, dat weet ik niet. De Bijbel zegt dat Hij het kan. De Bijbel zegt dat Hij het nog al­tijd doet.

Wanneer ooit mensen profeteerden, gedreven door de Heilige Geest, wanneer ooit mensen "in de Geest waren op de dag van de Heer" en verplaatst werden naar de he­mel, wanneer ooit mensen gezichten hadden "in het jaar dat koning Usia stierf", dan kunnen mensen ook heden nog door de Heilige Geest gedreven worden en profeteren. Zij kunnen ook nu nog "in de Geest" verplaatst worden en de onzichtbare wereld achter de voorhang zien. Zij kunnen ook heden nog gezichten krijgen, zo en zoveel jaar na de dood van koning Usia.

Dezelfde God zit nog altijd op dezelfde troon, heerst over dezelfde wereld, handelt met dezelfde boze harten, door hetzelfde soort mensen, met dezelfde neigingen en hartstochten als Elia.

-  88 -


Sinds God zich in onze dagen openbaart door profetie­ëN, gezichten en openbaringen - zoals Hij zich overal op aarde openbaart - dan heeft Hij zich precies zo geopen­baard als de Bijbel zegt dat Hij zich van oudtijds aan pro­feten en heiligen openbaarde.

In onze boze tijd, temidden van dit ongelovig, verhard geslacht, kan en wil de Heer bewijzen, dat hetgeen in de Bijbel geschreven staat, het Woord van de levende God is. Hij kan en wil op bovennatuurlijke wijze onder Zijn gelovi­gen werken door gaven van   de    Heilige    Geest, en   Zijn Woord bevestigen door tekenen die daarop volgen (Mark. 16: 15-20).

                                                   


-         Hoofdstuk  9       Index     Hoofdstuk  11